donderdag 11 mei 2017

Bevrijdingsdag



Ik weet niet goed of de ontheemding die ik voel het meest te maken heeft met mijn emigratie of met de kanker die tegelijkertijd ontdekt werd. Maar het is een feit. Ontheemding, iets heel anders dan onthechting want ik voel me zeer gehecht aan mijn dieren of mensen om me heen. En aan pizza met verse geitenkaas, honing en citroen, hoewel je daar ook een ander woord voor zou kunnen vinden. Het is ook iets anders dan ontworteling maar dat komt in de richting. Toch is ontheemding het beste woord. Niet in de zin van 'Unheimlich' maar echt diepe vervreemding van huis en haard. Wat in mijn geval ook klopt als ik terugdenk aan afgelopen jaar.
Het is niet eenvoudig om een nieuw leven in een ander land op te bouwen, echt niet. Mijn emigratie is absoluut niet vlekkeloos maar toch redelijk voorspoedig verlopen, binnenkort komt hopelijk ook mijn Franse kenteken met de nummerplaten en is alles rond. Dat de dingen hier lang duren wist ik maar dat is niet iets wat je fundamenteel verandert waardoor je een ander mens wordt. Je leert er hoogstens van geduld te betrachten en dat komt altijd wel van pas.

Het is de kanker die het gedaan heeft. De kanker heeft voor mijn gevoel van ontheemding gezorgd. De kanker heeft ervoor gezorgd dat ik steeds vaker zit te huilen omdat ik niet meer weet wie ik ben, wat ik kan en wat ik moet doen om verder te kunnen. Ik weet niet hoe ik mijn leven op moet pakken want ik had nog geen leven hier. De stilte van de Morvan maakt mijn voelsprieten alerter, mijn huid is een grote spons, die duizend keer beter dan vroeger de omgeving en de natuur absorbeert. De kanker maakt dat ik het elke dag drukker met mezelf krijg, waar ik helemaal geen zin in heb. Het is veel makkelijker en fijner je met andere mensen bezig te houden. Met schrijvers. Met Morvanse huizen. Met nieuwe hobbys. Met wat dan ook Maar soms ben je langere tijd aan een gevoel overgeleverd en is het goed ermee te zitten, te analyseren waar het vandaan komt en vooral te bedenken op welke manier je er verder mee kunt komen.
Daar had ik de meivakantie in de Auvergne voor nodig.

Juliette, Régis en Romeo bij de Cascade de la Pisserote

Op Aire les Biefs bij Rudolf&René ben ik vijfenveertig geworden. Vijfenveertig jaar! Een jaar geleden toen ik de diagnose borstkanker kreeg had ik niet gedacht dat ik dat zou halen en het is toch gelukt. Of ik er blij mee ben weet ik eigenlijk nog niet. Want ik weet gewoon veel dingen niet, op dit moment. Maar ik denk het toch wel. Want de tijd schrijdt voort, strooit hier en daar met haar inzichten en ach, het gebeurde toch gewoon, mijn verjaardag, dat ging vanzelf. En we hebben een hele leuke avond gehad met heerlijk Indisch eten van Rudolf. De dag erna was het Bevrijdingsdag. Ik had lang genoeg met mijn ontheemding binnen gezeten, de hondjes en ik trokken erop uit. Het was een heerlijke dag, de wolken verdwenen en de zon scheen volop.
Ik reed naar de Cascade de la Pisserote, een paar kilometer bij het gehuchtje Les Biefs vandaan. Vijf jaar geleden had ik dezelfde wandeling gelopen, toen met mijn eerste hond U.W.O. en de jongere Régis, nu met dezelfde Régis, Romeo en de kleine Juliette. Het was nog vroeg toen we op de weg een jonge ree zagen ronddwalen. De hondjes op de achterbank piepten van opwinding, ik remde en het diertje probeerde op wiebelige poten weg te rennen. Naast de weg was er echter alleen een diepe afgrond maar verderop schoot ze het struikgewas in. De weg kwijt dat kwam me bekend voor. Ook de zware rugzak tijdens het wandelen voelde vertrouwd. De banden schuurden langs het litteken onder mijn oksel waar in oktober de lymfeklieren verwijderd zijn en het pad leek steiler dan ik het me herinnerde. De ontheemding sprak mij weer aan: wat doe ik hier? Wat zoek ik toch... en... Waarom?




Bij de waterval aangekomen was er wonder boven wonder verder niemand. Het is een toeristische trekpleister maar we hadden geluk. We sprongen jolig over de rotsblokken en ik ondersteunde Juliette die nog wat moeite had met haar balans. Ja, wie ondersteunt wie nu eigenlijk in deze periode? Mijn lieve kleine zachte meisje van pas vier maanden doet het zo goed tussen haar grote broers Ze wéét gewoon alles, die felle lichtblauwe ogen kijken mij soms diep indringend aan, ik hoef niets te zeggen, wij zijn dames onder elkaar.

Gelukkig maar want jezelf verstaanbaar maken was ter plekke onmogelijk. Het water stroomde hard na alle regen en maakte een hels kabaal. Alles stroomde op dat moment, ook de zonnestralen door de nog kale bomen en er was niets wat ik anders kon doen dan ondergaan wat er te ondergaan viel. Openstellen betekent overgave. Er viel mezelf ook niets meer uit te leggen. Ik was klaar met denken en analyseren. Alleen met mijn drie trouwe vrienden ging ik op in de natuur. Een rots in de stromende rivier. Bevrijdingsdag. Hartverscheurender dan ik toen deed kan een mens niet huilen en dat was precies wat ik nodig had.


Een Nederlandse moeder en dochter met twee leuke honden voegden zich later bij ons. Ze hadden koffie en eclairs mee en zo hebben we lang zitten praten over het leven. Deze foto hebben zij gemaakt. 
  



vrijdag 28 april 2017

Leven tussen angst en dromen

Papi Régis houdt een oogje in het zeil.


Je denkt dat je na een behandeling gewoon opnieuw kunt beginnen. Terug bij wie je was en verdergaan met waar je mee bezig bent of wat je van plan was. Dat zegt iedereen... Je kijkt er naar uit en viert feest dat je nergens meer aan vast zit, geen chemo, geen operaties in het verschiet, geen dagelijkse bestralingen enz. Ik heb dat vaker dan gemiddeld gedacht in mijn leven. Goede tijden braken altijd weer aan, dan klopten de dingen en waren er geen obstakels, mitsen en maren meer om veel geluksmomenten te ervaren. Dan klopte de tijd met mij en ik klopte met de tijd en ging het allemaal lekker. Dromen is een vorm van naïviteit maar wat wil ik dat graag terug! De werkelijkheid is anders.

Met mijn nieuwe puppy Juliette gaat het goed, vooral doordat het klikt met Romeo&Régis. Ze is één bolletje zijdezachte liefde van bijna vier maanden en begint haar tandjes te wisselen en haar puppyvacht te verliezen. Als ik haar training alleen moest doen dan had ik het kwa energie in deze fase niet getrokken maar gelukkig heb ik twee geweldige honden die weten hoe het werkt, hoe ik de dingen graag wil en dat scheelt enorm. Het maakt dat ik mijn lege bordje stiekem weer vol begin te laden met andere dingen dan Juliette, mijn huis en tuin, vrienden en het leven in Frankrijk, ik wil méér, altijd méér, wat ik doe is nooit genoeg. En er is ruimte. Er is rust. En ik wil zo graag WERK maken van waar ik het beste in ben, maar wat is dat? En vooral: hoe vind ik iets constantere energie want ik blijf ondanks heerlijke oplevingen zo moe?

In 2011 startte ik Pays-Sas in een fase van mijn leven waarin ik me ingebed voelde in goede aarde en lieve mensen om me heen. Dat gaf kracht. Zelfvertrouwen, Moed. Ik woonde prettig in Lochem, had plezier in het schilderen, exposeren, nieuwe boeken die ik las en lezingen van schrijvers die ik begon op te zoeken. Ik had een jaar lang de Cirkel van de Seizoenen gevolgd bij Leeuwerik onder de Linde, leren leven volgens de dieper liggende levensstroom. Het duurde vijf jaren waarin ik ook Stille taal ging schrijven toen ik via Marktplaats twee boekenkasten kocht met ruimte om nieuwe dromen op te bergen of ze eruit te pakken als ik ze nodig had. Ik maakte een foto en stuurde hem naar Lex die net begon met zijn Magonia en mij daarna tijdens het schrijfproces begeleidde. Mijn verbeelding vierde hoogtij in die dagen en daar ben ik nog altijd dankbaar voor...



Romeo&Juliette tijdens een korte speelpauze.


In Frankrijk zet je niet zomaar iets nieuws op, ik heb wel ideeën (jullie zijn die hondenvakanties toch nog niet helemaal vergeten hoop ik!) maar naast dat de verwezenlijking daarvan tijd kost besef ik dat het idee van 'opnieuw beginnen' voor mij fundamenteel veranderd is. Misschien heeft het te maken met een verlies van concentratie door die hormoontherapie en geldt dat ook voor dromen maar mijn droomvermogen lijkt in het algemeen wel gekrompen. Voor zover je dat kunt meten. Ik lijk mijn verbeeldingskracht niet goed meer op gang te krijgen. Of slechts kort. Ben ik dat verleerd (kan dat?) of was het in 2011 toch een vrucht van die goede Hollandse aarde? Of is het de confrontatie met de werkelijkheid van afgelopen jaar, dat de dood dichterbij is dan ik dacht? Of misschien lopen dromen minder hard voor je als je richting de vijftig gaat...? Samen met een verlies van wilde haren? Dat hoop ik niet, het is zó fijn om je te laten gaan al is het alleen maar in je hoofd, waar een eeuwig La vie en rose zit...

Wie het weet, mag het zeggen. Ik ga er een weekje rustig over nadenken, met de hondjes bij oude vrienden in de Auvergne die ineens heerlijk dichtbij wonen en alles weten over pups, dromen en werkelijkheid: j'arrive lieve Rudolf&René!! 













maandag 10 april 2017

Ondraaglijk licht


Wespen zoemen. Kippen kakelen en meneer de Haan kukelt opgetogen. Hij heeft het naar zijn zin. Zijn hennen leggen lekker en hij krijgt alle aandacht. De geitjes hebben samen met de kippen, de honden en de poezen nu ook toegang tot mijn hele terrein en er wordt niet meer gemekkerd maar gemaaid. Bloesem wolkt, er is gras, er is opkomend onkruid en er zijn paardenbloemen in grote getale. De lente is losgebarsten!

Ook mijn Franse lente kriebelt. Eindelijk. Na een waanzinnig jaar van borstkankerbehandeling, een emigratie, vier verhuizingen én een ijskoude winter met veel sneeuw is nu de zon doorgebroken. En hoe! Het licht is meedogenloos, bijna onverdraaglijk. Zijn mijn littekens nog te vers? Kunnen mijn longen niet meer helemaal vrij ademen? De bestraalde huid rond mijn gehavende borst en de borst zelf doet zeer. Het steekt. Het klopt. Het werkt... Je ziet er bijna niets van hoor, er is een mooi afgewerkt litteken en haast geen verschil met de andere borst.

Docteur Fournier heeft vakwerk geleverd naast dat ik me hem herinner met een brede lach en een hart vol menselijkheid in de steriele en plastische omgeving van het ziekenhuis in Chalon-sur-Saône. In de zomer zie ik hem weer, voor een controle. Zo werkt het protocol 'in mijn geval.' Ik heb al een zo'n gesprek gehad met mijn oncoloog, Docteur Rambach, de jonge, fris ogende vrouw waar ik eerder over schreef in een blog. We waren snel uitgepraat maar ik mocht weer  met de taxi. Zo was het toch een leuke middag.

Hoe het met me gaat? vroeg ze. Goed. Wat ik voel, denk en ervaar is normaal in de eerste tijd na de behandeling. Het enige waar ik een klacht over had was het feit dat die beloofde krullenbos uit is gebleven. Mijn haar is zelfs dunner en steiler dan ooit en héél zacht maar hé, ik leef en ik heb er zelfs alweer een keer gel in gedaan. Nooit gedacht dat een verzorgingsproduct een bijzonder moment zou markeren in mijn leven. Ik ben altijd zo naturel.

En hoe bevalt de hormoontherapie? Prima. Ik word er vreemd genoeg stabiel van. De overgangsklachten die door de chemotherapie opgewekt waren blijven sinds de kuur begon uit. Ook psychisch lijk ik vreemd genoeg beschermd tegen de pieken en dalen van stemmingswisselingen. Zo zitten er opnieuw voordelen aan wat me overkomen is. Maar misschien komt dat nog, het effect van hormonen op langere termijn is ongewis.

Of hoe ik me voel wijt ik niet alleen aan de medische behandeling of de invloed van de hormoontherapie. De rust en de ruimte van de Morvan doen hun werk. De mensen zijn anders, relaxter, de omgeving is geruststellend groen en je doet hier meer aan je huis en je tuin (hout sjouwen, maaien enz.) maar het voelt anders dan in Nederland. Er is geen stress, het levenstempo ligt lager, de in Nederland meest voor de hand liggende dingen gaan hier niet snel. Dat kan een bron van ergernis zijn, ik heb bijvoorbeeld vijf maanden gedaan over het openen van een simpele bankrekening en drie maanden over de overschrijving van mijn auto maar het einde is in zicht. Met een typisch Nederlandse instelling had ik me kapot geërgerd over de bureaucratie en de traagheid van het systeem maar ik woon hier en probeer me dus aan te passen. Een Franse houding betekent de mond vol hebben over de gang van zaken maar ondertussen een Pastis inschenken en afwachten tot er aan de andere kant wat vooruitgang geboekt wordt. Geduld, het leven gaat snel genoeg en die mentaliteit bevalt me uitstekend.


 Balkonscène met Romeo, Juliette en Régis


Het valt mezelf pas op hoe verfranst ik ben na mijn jaar Frankrijk als er Nederlandse vrienden langskomen. Ik herken de verhalen die ze vertellen, ik herken er de Nederlandse snelheid en efficiëntie in maar wat ik ook merk is weerstand. Ik ben niet voor niets in Frankrijk gaan wonen, ik wil niet meer meegaan in teveel doen en jezelf voorbij rennen.
Het verneukeratieve is (heerlijk om dat woord eens te gebruiken, ik heb het altijd leuk gevonden) dat je als je altijd alleen in Nederland bent en nooit over de grenzen komt, je niet door hebt hoe je wordt meegezogen in dat snelle leven. Zelfs in de relatief rustige Achterhoek, zelfs in het Oosten of het Zuiden van het land komt het voor. Je merkt pas hoe Nederlands het is als je weg bent en hoe langer je weg bent, hoe meer je het merkt

Dus ik zit hier goed. Dat is geloof ik de moraal van dit verhaal. Het kriebelde vanmorgen bij het opstaan en dan moet het eruit. En waarin het ondraaglijke van het lentelicht schuilt dat op mijn wortels valt? Ik denk dat mijn Franse huid mij niet goed beschermd, hij is door de bestraling letterlijk beschadigd maar figuurlijk ook niet meer zo dik als toen ik nog in Nederland woonde en het gevoel had niet zonder te kunnen. Ik heb ongemerkt mijn oude dikke huid afgelegd, hij is langer niet nodig, ik wil hem niet meer gebruiken. Open leven met oog voor de natuur en de schoonheid van Morvanse stilte en de mensen die hier wonen past beter bij me. Ik kan er niets anders van maken: ik heb mijn Vuurdoop gehad. (Voor het bestellen van de dichtbundel onder dezelfde naam kunt u even op mijn website kijken: www.Pays-Sas.nl)  


zondag 19 februari 2017

Hondenleven





Er was me iets overkomen en het was, ik weet niet hoe ik het moet zeggen, maar het was of ik bevroor. Nu wil ik ontdooid worden.

Uit: Alles heeft een reden, Mira Kirshenbaum



Wie weet waar het evenwicht is tussen doen wat je wilt en doen wat je kunt? Ik ben nu ruim een maand klaar met de laatste bestralingen en in de ruimte die ontstaat borrelen nieuwe ideeën op uit de bron die een tijdje opgedroogd leek, stilgelegd door de harde realiteit van de behandeling. Toekomstplannen lonken! Ik ben een dromer en laat me graag verleiden, misleiden en er zelfs door in de val lokken en dat is wat er de laatste tijd gebeurt. Keer op keer. Mensen die me iets beter kennen zien het aan maar zeggen niets. Ik ben degene die zich moet herpakken na zon heerlijke fase van plannenmakerij maar ik voel het wel, hun wijselijk zwijgen. En ik hoor van binnen ook heus wel de twijfel, die stem in mijn hoofd die vraagt zou je dat nu wel doen?



Ik ben een doener, geen denker. Een dromer en een doener. Pas als ik iets doe dan kom ik erachter of iets werkt of niet. Er zijn veel denkers om me heen die liever wikken en wegen en dan op hetzelfde uitkomen maar het proces is anders. Ik was lang geleden met een goede vriendin in Frankrijk op vakantie. We zaten samen met mijn honden in het huisje van haar ouders en we zouden gaan wandelen. De kaart van de omgeving lag voor ons. Ik had mijn jas en schoenen al aan en stond te wachten maar zij liep eerst alle mogelijke routes op de kaart af, dan zei ze dingen als we kunnen zo en zo gaan, dan…’ of als we nu hier daarheen gaan en daarna…’
Honden zijn net als ik. Als ik het woord spelen gebruik of oma komt zo of eten dan verwachten ze dat het à la minute gebeurt. Zij leven niet in de toekomst of verleden. Ik ben diep van binnen ook een hond als ik me niet laat verleiden door mooie plannen en ideeën. Om te herstellen van de behandeling laat ik mezelf maar eens een tijdje los rond lopen, vrij snuffelen in mijn nieuwe leefomgeving. Aftasten wat ik kan want ik weet het niet meer.




Over twee weken komt Juliette bij ons wonen, kleine lieve Juliette die eigenlijk Nati the Hope heet want ze heeft een stamboom. Onze ontmoeting vorig weekend leidde zelfs bij de fokster tot tranen, het was een wonder hoe dit hondje van vijf weken op mij reageerde en ik op haar. Een verborgen schoonheid in het nestje, stil en onopvallend vergeleken met haar brutalere broertjes en zusjes. Ik zag haar bij binnenkomst meteen en verder alleen maar haar. Toen ik haar aandacht vroeg waggelde ze naar mijn uitgestoken hand. Ik smolt en wist dat het goed was.

Als iets in het leven mij ontdooit en dichter bij mijn gevoel brengt, dan is het dit kleine puppy. Dus dan weten jullie het: ik ga voorlopig een hondenleven leiden. In alle rust en zonder iets met al die ontkiemende ideeën te doen die op blijven komen. Een helse taak en dan is het nog niet eens écht lente! 



maandag 6 februari 2017

Vuurdoop



Twee kleine lichtpuntjes loeren naar me. Ze komen uit de donkerste hoek in de entreekamer, waar normaal nooit een lamp of kaars brandt en overdag geen licht valt. Kafkaiaanse visioenen. Iets wil bezit van me nemen, me van binnenuit opeten. 
Er was vandaag al iets vreemds aan de hand: de luiken van een van de drie ramen stonden open toen ik beneden kwam. Het was pas half zes, nog stikdonker buiten en ik schrok van mijn eigen bewegende spiegelbeeld. (Ik schrijf mijn eigen omdat er in La vie en rose iemand voorkomt die vaak druk is met zijn zelfbeeld en regelmatig in de spiegel kijkt. Maar deze ochtend was ik het dus echt zelf!)

Elke avond doe ik de luiken dicht. Had iemand ze van buitenaf opengedaan om naar binnen te gluren? Dat kan niet, ze zijn alleen te vergrendelen vanaf de binnenkant. Werd ik gek? Waren er inbrekers langs geweest? Maar er wonen in dit gehucht nauwelijks mensen, laat staan inbrekers en mooie nieuwe spullen bezit ik niet. Alleen mijn littekens zijn nieuw maar die wil toch niemand hebben.

Ik was er niet gerust op. Ons waarnemingsvermogen wordt in deze roerige politieke tijd genoeg op de proef gesteld. Het krijgen van waanbeelden kan echter ook met de hormoonkuur te maken hebben. Er zit een waslijst bijwerkingen bij die maken dat ik mijn gevoelige geestesgesteldheid meer dan voorheen in de gaten moet houden. (Voor zover dat als auteur gaat want je verplaatst je zoveel in je romanfiguren dat je soms echt niet meer weet wie je bent.)

Blik op winters Athez met links mijn huis, groentekas en geitenstal.

Van tevoren had ik de dingen mooi bedacht. Dit zou een periode van Nieuw Leven worden: ik zou grenzen aftasten, uithoudingsvermogen kweken, fit worden zoals ik vroeger was, slank en kerngezond omdat ik uitgebalanceerd ben gaan eten en meer beweeg... 
Mijn nieuwe Franse huis zou ik met een big smile openstellen op een knallende housewarming... Ik zou die lieve taxichauffeurs ontvangen, net als de buurtbewoners in Anost, nieuwe en oude vrienden in nieuwe jasjes. Vol verve zou ik mijn eerste dichtbundel presenteren. Trots laten zien wat ik in huis heb op dit gebied. Iedereen zou welkom zijn in de zomer, 'zet je tent maar ergens in de tuin zou ik enthousiast zeggen en gids voor wandelingen zijn. Dit had ik me allemaal voorgesteld voor nu, de periode na mijn borstkanker...
Maar ik weet het allemaal niet meer. Ik weet niet hoe ik fysiek uit deze periode kom, of mijn energie terugkomt of niet. Voorlopig ben ik moe, vooral als ik me te lang omgeef met mensen, hoe lief ze ook zijn. Misschien lig ik over een half jaar weer in het ziekenhuis, dat hoopt niemand maar niets is zeker. Wat ik wel weet is dat ik veel weerstand voel. Ik wil geen leven in voorlopigheid. Een leven op de pof ís voor mij geen leven, het ware leven is hier en nu want voor je het weet is het voorbij. Aanvankelijk leek mijn weerstand me af te remmen, lebensraum in te perken maar het tegendeel is waar. Door het loslaten van alle 'ik zie je volgende week misschien wel' en 'bel maar terug als je wilt' ontstaat er juist ruimte.
Ruimte om te groeien.

Weerstand beschermt tegen 'teveel hooi op de vork,' tegen overbelasting van de geest, tegen teveel willen met een haperend lichaam dat rust nodig heeft. Geen zin hebben in dingen en 'al moe worden bij het idee' zegt iets over de grenzen van kunnen. Dat doet me denken aan een klein kannetje dat ik in 2014 in boekhandel Broese aan Arthur Japin gaf, de vriendelijke schrijver wiens lezingen ik graag volgde. Ik probeerde altijd iets voor hem mee te nemen, dankbaar voor zijn woorden die me diep raakten en hielpen op mijn eigen weg. Het was een klein melkkannetje dat ik op een Franse rommelmarkt had gekocht. Ik gaf hem dat zodat hij er altijd vertrouwen uit kon schenken, kunnen uit een bodemloos kannetje. Hij was ontroerd maar ik weet niet of hij het nog steeds heeft. In 2015 kwam ik zelf een grote versie tegen en deze staat nu hier, vol briefjes met dromen en wensen die ik graag achterlaat op verschillende plekken want je weet maar nooit. En tot dusver heeft de grote kan al mijn verhuizingen doorstaan.



Er komt dus geen leuk georganiseerde boekpresentatie van mijn dichtbundel. De titel is ook veranderd. Zinspelingen paste niet langer, die naam gaat me teveel over het proces van dichten terwijl ik wil dat het op het eerste oog al over inhoud gaat. Verdieping is wat ik als dichteres wil bereiken, niet door alleen 'te spreken over' maar door de diepte in te springen. Ik heb niets meer te verliezen... Vuurdoop is de nieuwe titel!

Mijn eerste dichtbundel omvat dertig oude en nieuwe gedichten die ik heb geschreven in de afgelopen zeven jaar. Vanaf de lente is hij in ieder boekhandel te bestellen voor 14,95 onder ISBN-nummer 9789402153712. Ik publiceer Vuurdoop net als Stille taal via Printing on Demand bij Brave New Books. Bij elke bestelling wordt er een exemplaar geprint dus ik hoef niet te investeren in stapels boeken.

En die kafkaiaanse taferelen? Ik heb gemerkt dat Jérémie (mijn rode kater) een nieuw plekje gevonden heeft. Hoog in het donker op mijn cd-kast houdt hij mijn reilen en zeilen in de gaten. Soms geeuwt hij wat of strekt hij zich lui uit. Ik vroeg hem hoe het kwam dat de luiken die nacht open hadden gestaan. Hij grijnsde.  


donderdag 12 januari 2017

Uitbuiken

Dat was het dan Madame Kruuuiiize, uw Plat du jour van begin mei. Lege borden in de afwasmachine, in de eetkamer ruikt het nog naar bestraalde huid en er schijnt licht: de kaarsen zijn niet geheel opgebrand. Op het aanrecht staat een restje in een Tupperwarebakje af te koelen. Buiten stroomt de regen van het afdak boven mijn terras, code orange vanavond in alle vier de departementen van Bourgogne. Het kan mij niet schelen, hier is een zware storm voorbij en de luwte die lang naar mij lonkte, nabij.

Een zwangerschap lang heeft de behandeling bij elkaar geduurd. Maanden van onderzoeken en scans naar de eerste operatie waarbij klieren weggehaald zijn en het implantaat voor de chemotherapie geplaatst is, zes chemokuren, een tweede operatie voor het verwijderen van de twee tumoren en nog wat extra klieren en morgen krijg ik de drieëndertigste en laatste bestraling. Met de hormoontherapie ben ik deze week vast begonnen, in de overgang was ik door de chemotherapie toch al.

Dus hier zit ik dan, wat vervreemd voor me uit te staren aan deze Franse keukentafel, ingetogen en uitgelaten tegelijk. Er is zoveel: een nieuw land, een nieuw huis, mijn ouders in de buurt, oude en nieuwe vrienden en vriendinnen hier en via Skype, onder en naast me op het kleed die twee geweldige snurkende honden, twee lieve kroelpoezen doen hun tukje op de bank, achter het huis staan de dwerggeitjes droog onder hun afdak, er zijn kippen op komst, in de vijver onder het ijs zwemmen vissen waar ik voor zorg en het belangrijkste er ligt weer een half leven voor me Een half leven!

De eerste tijd krijg ik om de drie maanden een consult met afwisselend de radiotherapeute, de oncoloog en natuurlijk de leukste chirurg van Frankrijk, na een jaar nieuwe echos en scans maar daarnaast is er die prachtige nieuwe zee van tijd die ik herken van voor ik ziek werd, al die leefruimte waar ik weer iets moois van mag maken! Het idee duizelt me en ik weet werkelijk niet waar ik moet beginnen. Ik voel me als gedeukt metaal van een auto na een flinke botsing maar ik ben ook de monteur die bepaalt hoeveel stoelen er terug in komen, in welke richting het stuur komt te staan en welke kleur verf op de buitenkant. Daarnaast ben ik (voor de verandering!) ook nog de chauffeur die erin gaat rijden. Een hele klus voor iemand die niet zo technisch is en erg onzeker geworden

Ik schreef het al in mijn vorige blog: er is een doel bereikt maar waar ben ik zelf gebleven? Mijn leven is me uit handen genomen waardoor ik niet meer weet hoe ik er zelf iets van moet maken. Hoe deed ik de dingen ook alweer voor ik kanker kreeg? En waar laat ik al die bijzondere ervaringen, de nieuwe verdieping en al die prachtige intensieve momenten die ik doorvoeld en beleefd heb?

Ik weet het al. Ik begin - na natuurlijk de nodige feestelijkheden dit weekend - met wat voelt als mijn hoogste prioriteit: La vie en rose, mijn tweede roman die te veel vertraging opgelopen heeft. In mijn hoofd is er in het verhaal een hoop veranderd, het perspectief en de verhaallijnen lopen anders dan eerst en het einde is niet langer meer het einde maar een nieuw begin ergens halverwege. Ja zo wil ik met het servet mijn mond afvegen en lekker uitbuiken na al dit tafelen. Als ik nu nog een ding mag belichten dan is het wel dat de schrijfster in mij er altijd bij is gebleven, zelfs op momenten dat ik zelf nergens meer was. En dat is misschien wel de mooiste persoonlijke zegening die ik kan tellen.

Moge het u allen wel bekomen.  


zaterdag 7 januari 2017

Brakke grond


Het is winter met van die mooie ijsbloemen op de vensters van mijn jeugd. Het decor is net als ik drastisch veranderd. In een zomer ben ik vijf jaar ouder en met mijn vierenveertig jaar door de chemotherapie in de overgang gekomen. Dodelijke cellen verdwenen als sneeuw voor de zon waar gaandeweg nieuwe voor terugkwamen. Ach, ieder gezond mens wisselt elke dag al zoveel cellen dat je bij het naar bed gaan nooit dezelfde persoon bent als die je was toen je opstond, zo las ik laatst. Een geruststellende en verontrustende wetenschap.




In de winter sterft de natuur, alle uiterlijk vertoon verdwijnt. Resten groente in de moestuin vriezen dood; er ligt nu alleen nog een verpapte en snotterige massa. Zelfs de geitjes lusten het niet ook al doen hun gemekker en verlangende blik het tegendeel geloven. Mekker maar meisjes, daar krijg je het lekker warm van… Een paar vrolijke bokkensprongen is het antwoord.

De bomen laten hun contouren zien, kwetsuren in de vorm van slaphangende takken en plekken waar de bast heeft losgelaten liggen bloot. De grond in de bossen en op de velden ligt brak te wachten op nieuws, maar er gebeurt voorlopig niks. De lente is nog nergens te bekennen, er valt niets te planten of uit te dragen. Dit is de tijd voor bezinning, voor terug naar je wortels voor het verkennen van de diepte op de bodem van je ziel. Los van emoties, los van gedachten of gevoelens voltrekt zich vanzelf de levensstroom die altijd haar weg vindt, als water dat in de bedding van een rivier stroomt. Het is het beste om deze dagen zorg te dragen voor die bedding, voor jezelf, voor je lichaam en je ziel. Dat is alles wat we in de winter hoeven te doen. Herinneringen en ervaringen zullen humus worden, voedsel voor de nieuwe lentekiemen en levenskracht om in de zomer te kunnen bloeien.




Ik sleep me door de laatste dagen van de drieëndertig bestralingen. Het medisch doel is bijna bereikt, de borstkanker verwijderd, hoera! maar... ergens tussen het Nederland dat ik op 25 april 2016 verliet en dit Frankrijk waar ik nog niet veel heb op kunnen bouwen is de langspeelplaat waarop ik danste blijven hangen, in een onbekende groef van bijna negen maanden waar ik de naald nu abrupt uit moet zien te krijgen. Alles wat door de ziekte uitgesteld is wacht op me: afronding van mijn emigratie, de Franse belastingdienst, het invoeren van mijn auto, de tandarts, afspraken met vrienden, Franse les, La vie en rose die in mijn hoofd al uit zijn voegen barst, de publicatie van mijn eerste dichtbundel Zinspelingen, de housewarming, kippen enz.
Nu het einde nadert vliegt het besef van wat er gebeurd is me aan. Er moest een doel bereikt, genezing. Wat rest is vermoeidheid. Dit ken ik nog niet, zó moe ben ik nog niet eerder geweest... Ik zak daarom nog maar even lekker onderuit in de verzorgende kom van de zorg waar ik geleerd heb me over te geven aan ervaren handen.
De lente komt vroeg genoeg.